Stap 1. Doel, doelgroep en distributieplan
Succes begint met scherpte. Bepaal het instructiedoel, de doelgroep en de context waarin de kijker jouw animatievideo bekijkt. Moet iemand een product monteren, software instellen of een proces veilig uitvoeren? Formuleer 1 hoofddoel, desnoods aangevuld met 1 of 2 subdoelen. Leg daarnaast vast welke voorkennis de kijker heeft en in welke omgeving de video gebruikt wordt, bijvoorbeeld onboarding, e-learning, serviceportaal, intranet, YouTube of social. Voor HR- en L&D-doeleinden is animatie voor training en onboarding een bijzonder effectieve toepassing.
Kies direct je kanalen en formaten. Een instructie animatie werkt anders op mobiel dan op desktop, en in een LMS anders dan op LinkedIn. Plan varianten per aspect ratio 16:9, 1:1 en 9:16 en beslis of je met of zonder audio wil scoren. Definieer tot slot KPI’s als weergavepercentage, voltooiingsratio, drop-off punten en actie op CTA’s, en plan hoe je deze gaat meten. Voor fysieke producten is een product-instructie animatie ideaal; voor software werkt een software tutorial animatie met duidelijke UI-stappen het best.
- Output: doel- en doelgroepdocument, kernboodschap, kanaalkeuze en KPI’s.
Stap 2. Script dat instructie omzet in begrijpelijke stappen
Het script geeft structuur en tempo. Schrijf in helder, actief Nederlands en hanteer een logische volgorde: context - doel - stappen - herhaling - CTA. Maak instructies modulair met korte hoofdstukken, zodat je later eenvoudig kunt hergebruiken of updaten. Houd 90 - 120 seconden aan voor een kernvideo, of kies voor een serie micro-instructies van 30 - 60 seconden per taak.
Beslis over voice-over, ondertiteling of beide. In omgevingen zonder geluid zijn ondertitels en on-screen tekst essentieel. Werk met jargon alleen als de doelgroep dat begrijpt en voorkom cognitieve overload: 1 boodschap per shot. Leg ook compliancetonen vast voor sectoren als overheid en zorg en noteer eventuele meertalige varianten.
- Output: definitief script met timing en CTA’s.